Fotoreis The Isle of Mull Schotland
Van dinsdag 16 t/m maandag 22 juni 2026 heb ik deelgenomen aan de Fotoreis The Isle of Mull Schotland van Nature Talks.
Dinsdag 16 juni moesten we al vroeg op Schiphol Airport aanwezig zijn voor onze vlucht naar Glasgow Airport. Daar ontmoette ik 5 van de andere deelnemers, Ane, Gerrit, Maarten, Peter en Piet. De andere 2 deelnemers, Koen en Alinda, waren al op vakantie in Schotland en zouden we op Glasgow Airport ontmoeten, net als de 2 reisleiders Sander Zeilmaker en Louis Guillot die al een week eerder vertrokken waren om de eilanden te verkennen.
Vanaf Glasgow Airport reden we met een busje en auto naar de veerboot, waarbij we langs Loch Lomond kwamen. Onderweg zijn we gestopt om te lunchen. Omdat de veerboot die voor ons geboekt door een defect uit de vaart was, moesten we omrijden en zijn we met veerboten 2x een kort stukje naar The Isle of Mull gevaren, een eiland aan de westkust van Schotland. Aangekomen op Mull zijn we naar ons overnachtingsadres gereden, Arle Lodge Mull in Arle, vlak bij Tobermory, waar we na het eten nog even naar toe zijn gereden om boodschappen te doen.
Woensdag 17 juni zijn we na een uitgebreid ontbijt, verzorgd door onze kokkin Jane, met een boot van Turus Mara naar het eiland Staffa gevaren, behorend tot de Binnen-Hebriden, ten westen van Mull. De naam Staffa komt van het Noors voor staf, kolom of pilaar. Het eiland Staffa is bekend om zijn basaltgrotten. De grootste grot van het eiland, de 70 meter diepe Fingal's Cave, is ontstaan doordat de zee gaten heeft geslagen in de wanden van het eiland. Op Staffa komen papegaaiduikers (puffins) voor, maar omdat we de rest van de dag naar het eiland Lunga gingen, hebben de meeste deelnemers Fingal's Cave bezocht.
Met de boot verder gevaren naar het eiland Lunga (onderdeel van de Treshnish-eilanden in Schotland) ten westen van Mull, dat bekend staat als een paradijs voor zeevogels. Tussen april en half augustus broeden er duizenden papegaaiduikers (puffin), alken, zeekoeten, drieteenmeeuwen en Noordse stormvogels.
We bleven tot vroeg in de avond op Lunga, de meeste toeristen vertrokken al veel eerder waardoor het lekker rustig werd op het eiland. Op de boot terug naar Mull wachtte Jane ons op met een lekkere warme maaltijd.
Papegaaiduikers zijn erg nieuwsgierig en laten zich hierdoor van zeer dichtbij bewonderen en fotograferen. Ze worden ook wel ‘clownsvogel’ genoemd. Behalve in uiterlijk hebben ze ook in gedrag iets clownesk. Als je ze ziet vliegen begrijp je waarom. Hun lijven zijn gemaakt om te duiken, waarbij ze hun vleugels als propellors gebruiken. Maar voor vliegen zijn hun vleugels eigenlijk te kort. Ze moeten enorm hard flapperen om het water uit te komen. Liever springen ze van een klif, zodat ze al op een goede hoogte beginnen. Een papegaaiduiker haalt in de lucht een vliegsnelheid van zo'n 80 tot 93 kilometer per uur. Om in de lucht te blijven moet hij zijn vleugels zo'n 400 keer per minuut uitslaan. Onder water zwemt hij met snelheden van tientallen kilometers per uur.
De foto's van dag 1 op Lunga: